‘Ik was te trots om hulp te accepteren’

‘Lange tijd dacht ik: laat mij maar, ik verdien geen hulp. Ik leefde alleen nog maar voor de kinderen. Pas toen we bijna uit ons huis werden gezet, besefte ik dat het zo niet langer kon. Ik ben nog steeds dankbaar voor de hulpverlening toen. Zij begrepen het.’

Tarif Heljanan (47): ‘Had ik eerder het lef gehad om een uitkering aan te vragen, dan had ik niet van 10 euro per week hoeven leven. Maar ik dacht: dan faal ik. Want: ik wás iemand. Ik zong met Ruth Jacott en Gordon, stond op het Songfestival, had in Carré gestaan. En dan zou ik, Tarif Heljanan, in de bijstand gaan? Dan liever met opgeheven hoofd en met niks voortploeteren.’

Meeste zorg

Tarif groeit op in de Molukse gemeenschap in Zevenaar. Zijn vader is predikant. De stap van zingen in de kerk naar zingen in een eigen gospelkoor gaat vanzelf. In de jaren 90 en de jaren 0 groeit Tarif uit tot een bekende studio- en achtergrondzanger. 

Met zijn jeugdliefde krijgt hij vier zoons. Zij studeert en bemachtigt een goede baan bij de overheid. Hij is veel onderweg tussen optredens en studiosessies. Tarif neemt de meeste zorg voor de kinderen op zich. ‘Zij was de man in huis, ik de romanticus. Mijn kinderen waren, en zijn, alles voor me.’

Gebroken hart

In 2010 verhuizen ze naar Amsterdam. Voor Tarif gaat daarmee een droom in vervulling. Weg uit het benauwde Zevenaar. Hier kunnen hij en zijn kinderen hun vleugels uitslaan. De vriendin echter, verbreekt na 2 jaar de relatie en verlaat het gezin. Tarif blijft achter met zijn zoons. En een gebroken hart. ‘Dat kun je bijna letterlijk nemen. Tijdens een optreden viel ik neer. Later in het ziekenhuis bleek ik hartfalen te hebben.’

Er volgt een moeilijke periode. Meer fysieke klachten. De zorg voor vier jongens. Proberen het hoofd boven water te houden met heel hard werken. En ondertussen stapelen de rekeningen zich op.

Tarif: ‘Ik gaf bijvoorbeeld zangles in Oud-Zuid in Amsterdam. Dan kwam ik net op tijd aangereden, parkeerde snel en holde naar binnen. Parkeergeld betalen deed ik niet – ik nam het risico. Dat gaat wel eens mis, natuurlijk. En die boetes betaalde ik dan niet.’

Portretfoto Tarif

Te trots

Regelmatig post Tarif op Facebook over zijn dagelijkse belevenissen. Daarin gaat het steeds vaker over zijn slechter wordende gezondheid en groeiende geldproblemen. Iemand reageert met de tip een maatschappelijk werker op te zoeken. Als Tarif dat op een goede dag doet, is het eerste wat deze zegt: ‘Vraag een uitkering aan.’

Het contact met de maatschappelijk werker is een keerpunt voor Tarif. ‘Ik ging met hem mijn post sorteren. Hij ging voor mij bellen met schuldeisers en kreeg dingen voor elkaar. Ik brak, zo mooi vond ik het om te zien dat dit in het echt gebeurt. Ik voelde me ook bezwaard en mislukt. Maar hij stelde me telkens gerust.’

Ingestort

Tarif zet goede stappen, maar de crisis nog niet voorbij. Onder strikte voorwaarden mag hij met zijn zoons blijven wonen in de eigenlijk te dure woning. Maar dan komt de uitkering een dag te laat. Tarif is daardoor te laat met de huur. Hij krijgt bericht dat ze direct het huis uit moeten. Tarif stort in. Hij heeft nog net puf om zijn kinderen te vertellen dat ze naar hun moeder zullen gaan. ‘Ik probeerde me vast in te stellen op het daklozenbestaan.’

'Ik dacht: als ik mezelf niet kan helpen, dan kan niemand me helpen.'

Hulp accepteren

Zover komt het niet. Dankzij tussenkomst door mensen van de gemeente, hoeven de Heljanans het eerste half jaar toch niet het huis uit. Met een urgentieverklaring kunnen ze op zoek naar een nieuwe woning. Eenmaal verhuisd, meldt Tarif zich uitgeput bij de schuldhulpverlening in zijn nieuwe buurt.

‘Maar ik bleef het heel moeilijk vinden om hulp te accepteren. Ik dacht: als ik mezelf niet kan helpen, dan kan niemand me helpen. Ik ben een gelovig mens. Ik vond: God heeft me al zoveel gegeven – ik mag Hem niet teleurstellen. Ik moest het zelf kunnen. Anderen doen het toch ook? Zo strafte ik mezelf. Ik dacht: ik draag het wel, ik word wel ziek.’

Goede mensen

Toch weet Tarif zich over te geven. ‘Het hielp dat de hulpverleners in Amsterdam zulke goede mensen zijn. Ik ben ze nog steeds enorm dankbaar. Zij begrepen het. Ik zeg nu tegen iedereen met schulden: Zorg dat je schuldhulp krijgt – die mensen zijn er voor jou. Zij helpen je om je geldzaken weer op orde te krijgen.’

Met een buddy werkt Tarif verder aan zijn financiële huishouding. Uiteindelijk komt hij in 2016 in de Wsnp terecht – hij komt daarmee van zijn schulden af en leeft daarna drie jaar onder toeziend oog van een budgetcoach. De drie oudste jongens zijn inmiddels het huis uit en doen het goed.

Nu nog gezond

Eind goed, al goed? Nog niet helemaal. Eind 2017 wordt Tarif ernstig ziek. Hij kan niet meer lopen en heeft ernstige longproblemen. Nu, anderhalf jaar later, zegt hij: ‘Ik ben dankbaar dat ik niet meer in angst hoef te leven voor de bel en de brievenbus. Financieel gezien ben ik stabiel. Ik kan weer ademen. Nu mijn gezondheid nog. Ik word dit jaar grootvader. Dan moet ik kunnen wandelen.’