‘De winkel was mijn kindje, dat moest en zou ik redden’

‘Achteraf zie je dat je constant achter de feiten aan liep. Telkens dacht ik: volgende maand komt het goed. Je ziet dat bij veel ondernemers. Het eindigt ermee dat je serieus aan zelfmoord denkt. Maar ik heb heel veel geleerd van dit proces. Ik ben eruit gekomen en heb mijn bestemming bereikt.’

In zijn studententijd spelen Marc Mulder (54) en zijn vrienden graag bord- en kaartspelletjes. Daaruit ontstaat het idee voor een spelletjesspeciaalzaak. Marc geeft zijn studie Filosofie op en wordt ondernemer. Drie jaar later hebben hij en zijn twee partners drie goedlopende winkels in het oosten van het land. Maar er ontstaat ruzie en er blijkt te zijn gesjoemeld met de administratie en aangiftes.

Geen reserves

Marc blijft over. Met één winkel in Arnhem, en de nodige schulden. Maar hij weet in de daaropvolgende jaren het hoofd telkens net boven water te houden. ‘Toen begon er recht voor mijn deur een verbouwing van de binnenstad. In drie maanden tijd verloor ik de helft van mijn omzet. Uiteindelijk heeft de gemeente dat enigszins gecompenseerd, maar ik had geen reserves. Vanaf dat moment liep ik helemaal permanent achter de feiten aan.
Achteraf weet je: ik had het personeel eruit moeten doen. Maar ik zag het niet. Ik zat er, fysiek en mentaal, doorheen. Ik was ook net vader van een tweeling geworden. Ik kon de energie niet meer opbrengen om de zaak echt vlot te trekken.’

Marc

*Muziek speelt*

Marc Mulder:
Dit was dus ooit mijn spelletjeswinkel.
Die ben ik in 1996 begonnen en het heette toen “Spelkwartier”.
Na een aantal jaar kreeg ik problemen met mijn zakenpartner, die is toen uit de zaak gegaan en later bleek dat er toch wel zaken administratief niet klopten.
Toen zat ik met een grote schuld en die heb ik op dat moment eigenlijk weten op te lossen.
Dat heeft wel een paar jaar geduurd maar toen heb ik alles helemaal afbetaald en op dat moment, omdat ik die eerdere schuld had, had ik eigenlijk geen reserves meer.
Zowel niet financieel, maar ook niet persoonlijk meer.
In de jaren daarna is dat steeds erger geworden tot ik op een gegeven moment moest besluiten: ik hou dit niet meer vol.
Toen moest ik stoppen.

*Muziek speelt*

Het geloof dat krijg je eigenlijk terug op het moment dat je naar de hulpverlening stapt omdat de hulpverlening jou kan laten zien dat er een weg uit is en welke stappen daarvoor nodig zijn.
Die stappen zijn natuurlijk niet altijd makkelijk, maar die weg is er.
En op het moment dat je maar ziet, en weer gelooft, dat die weg uit je schulden er is.
Dan heb je ook weer langzamerhand de mogelijkheid om er energie in te steken en ook echt stappen te nemen.
Na een aantal maanden kreeg ik geld terug van de belastingdienst want het bleek dat zij een fout hadden gemaakt.
Dat was eigenlijk het moment dat ik weer hoop kreeg dat er toch nog een oplossing mogelijk was.

*Muziek speelt*

Van mijn eigen schuldtraject heb ik heel veel geleerd over wat er nou eigenlijk met je gebeurt als je schulden hebt.
Ik vind het heel belangrijk dat daar gebruik van gemaakt wordt.
Dus ik wil heel graag andere mensen helpen met mijn ervaring om ze zo snel mogelijk en op een zo goed mogelijke manier uit die schulden te halen.
En daarom ben ik toen vrijwilligerswerk gaan doen.
Toen heeft de organisatie waar ik dat vrijwilligerswerk deed uiteindelijk gevraagd of ik bij hen wilde komen werken in een project waar we bij mensen langs gaan waar het vermoeden is dat er betalingsproblemen zijn om ze hulp te bieden bij het oplossen daarvan zodat we eigenlijk daar eerder bij zijn en dat de schulden nog niet te groot zijn.
Hoi, hoe is het?
Eigenlijk is er een moment waarop je denkt dat je nog niet eens echt schulden hebt maar alleen maar wat te laat betaald.
Dat is het moment dat je heel kwetsbaar bent.
Want er hoeft maar wat te gebeuren en je kan nog een keer niet betalen en dan worden het wel schulden, dan komen er verhogingen en dan heb je een probleem.

*Muziek speelt*

Nou, het gaat eigenlijk heel erg goed met mij.
Ik heb het verleden, wat ik heb meegemaakt met de winkel en hoe pijnlijk dat allemaal was, dat kan ik nu inzetten om andere mensen te helpen.
Ik heb daar werk in gevonden.
Het gaat gewoon super.

Eindtitel: komuitjeschuld.nl

Beslag gelegd

In 2009 trekt Marc de stekker uit zijn bedrijf. Hij schrijft zich uit bij de Kamer van Koophandel en belt de Belastingdienst met het verzoek beslag te leggen. Een leverancier neemt de zaak over. Marc blijft achter met een persoonlijke belasting- en bankschuld van 144 duizend euro.

‘Dat was heel zwaar, maar het voelde op dat moment toch als een bevrijding. De winkel bleef bestaan en dat was voor mij enorm belangrijk. Die winkel, dat was mijn kindje. Daarbij: ik werd voor 16 uur aangenomen als ‘gezicht van de winkel’.’

Schuldeisers en deurwaarders

Marc klopt in 2010 aan bij de gemeente voor schuldhulpverlening. Maar hij ligt op dat moment in scheiding. Daardoor kan hij niet de vereiste gemeenschappelijke boekhouding overleggen. Marc’s situatie blijkt niet te passen binnen de kaders van bestaande regelingen. Hij raakt verstrikt in een bureaucratische doolhof. Ondertussen wordt hij achtervolgd door schuldeisers en deurwaarders. De situatie verslechtert. Marc botst met de eigenaar van zijn oude winkel. Er wordt loonbeslag gelegd. Hij verhuist van de ene naar de andere antikraakwoning.

Toeslagen inhouden

Marc: ‘Het dieptepunt was toen de Belastingdienst mijn toeslagen ging inhouden. Ik heb toen huilend thuis gezeten. Ik wist niet meer hoe ik mijn kinderen nog te eten kon geven. Op een gegeven moment kreeg ik vijf blauwe enveloppen per week. Ik maakte ze gewoon niet meer open. Ik had het gevoel dat van de brug springen het beste zou zijn.’

Toch blijft Marc proberen eruit te komen. Hij leent geld bij zijn familie voor een advocaat. Deze probeert alle crediteuren mee te laten werken aan een deal. Maar twee willen niet en Marc zit opnieuw met lege handen.

Bij de gemeentelijke schuldhulpverlening kunnen ze hem nog steeds niet helpen. Maar Marc kan zich wel aanmelden voor de Wsnp (Wettelijke Schuldsanering Natuurlijke Personen). Het is juni 2014 – 4 jaar na zijn eerste poging – als Marc de rechter uitspraak hoort doen.

'Ik ben het altijd toch maar blijven proberen. Het zijn de kinderen, hè. Daardoor blijf je toch doorgaan.'

Op eigen kracht

Sinds 2017 is Marc van zijn schulden af. Hoe kijkt hij terug op die periode? ‘Het voelt alsof ik er op mijn tandvlees en nagelkrabbend uit ben gekomen. Ik kan geen omslagpunt of ‘coming out’ aanwijzen. Ik ben het altijd toch maar blijven proberen. Het zijn de kinderen, hè. Daardoor blijf je toch doorgaan.

De schuldhulpverlening in de gemeente is inmiddels ten goede veranderd, weet Marc. Na zijn sanering begon hij als vrijwillige budgetcoach bij de welzijnsorganisatie van de stad. Op basis van zijn ervaringsdeskundigheid neemt hij tegenwoordig – betaald – deel aan het project Vroeg eropaf.

Bezoek aan huis

Marc: ‘Niet iedereen zoekt uit zichzelf hulp. Dus wij bezoeken de mensen waarvan we vermoeden dat ze moeite hebben met het betalen van hun rekeningen. In eerste instantie vindt men het vervelend dat je letterlijk op de stoep staat. In tweede instantie zijn de meeste mensen blij. Je helpt financiële knelpunten in kaart te brengen. Soms volgt daar schuldhulpverlening uit. Op de 100 mensen die je bereikt, zijn er uiteindelijk misschien 4 die principieel niet geholpen willen worden.’

Anderen helpen

‘Dankzij dit werk heb ik mijn werkelijke drijfveer ontdekt. Dat is, simpelweg: anderen helpen. Ik ben nu ook bezig met een project om ervaringsdeskundigheid beter te benutten. Ondernemers kun je bijvoorbeeld veel eerder helpen. Het is zonde om helemaal te wachten tot je de deurwaarders op je dak hebt. Ik kan het weten.’