‘Als Dayenne het kan, kun jij het ook’

‘Ik was een alleenstaande moeder met een geschiedenis van misbruik en schulden. Ik ben nu een vrouw die haar verleden heeft verwerkt. Ik heb de relatie met de kinderen hersteld. Ik heb zelf mijn schulden aangepakt. En nu kan ik een voorbeeld zijn voor vrouwen zoals ik.’

Dayenne Tempo (35): ‘Begin 2013 belden er plotseling twee heren van de Belastingdienst aan. Voor ik het wist, stonden ze binnen. Ik had een torenhoge belastingschuld - ze kwamen eens kijken wat ik zoal in huis had. Nu snap ik het wel, dat ze dit soort dingen doen. Maar op dat moment was het erg intimiderend. En confronterend. Toen ze weg waren, zei ik tegen mezelf: ik moet hulp zoeken, want dit trek ik gewoon niet.’

Demonen

Dayenne zit op dat moment in de bijstand en zwaar depressief op de bank in haar huis in Amsterdam Zuidoost. ‘Overdag was ik mak als een lammetje, ’s nachts kwamen de demonen.’

Die demonen gaan terug tot haar jeugd, die ze doorbrengt in Suriname. Ze wordt vanaf haar vierde tot haar zeventiende seksueel misbruikt. ‘Ik ben toen mijn kind zijn kwijtgeraakt’, zegt ze nu.

Vluchten

De familie komt naar Nederland, naar Almere. Dayenne vindt het moeilijk om goed te aarden, ze is opstandig. Als ze in verwachting raakt en het kind wil houden, verlaat ze het ouderlijk huis. Niet lang daarna wordt ze opnieuw moeder. Ze ontmoet een nieuwe man. Van hem krijgt ze haar derde dochter.

Ze besluiten een nieuwe start te maken in België. Maar het wordt een nachtmerrie. Dayenne wordt geestelijk en lichamelijk mishandeld. Na 8 maanden vlucht ze, met de kinderen, terug naar Nederland. In een Blijf-van-mijn-lijfhuis in Amsterdam komt ze op adem. Daar kan het gezin een jaar verblijven. Maar dan moet je – zo is de regel – weer terug de maatschappij in.

Zo komt ze in Zuidoost terecht.

Portretfoto Dayenne

Schuldgevoel

‘Ik had serieuze schulden. Ik had de zorgtoeslag niet stopgezet toen we naar België verhuisden. Ik had schulden bij een woningbouwvereniging. Leningen kon ik niet aflossen. En ik voelde me schuldig. Vooral ten opzichte van de kinderen. Ik had verkeerde beslissingen genomen en daardoor hadden zij verschrikkelijke dingen meegemaakt. Er waren wel tien instellingen met me bezig. Van budgetbeheer tot buurtteam tot maatschappelijk werk tot GGZ. Maar ik vertrouwde niemand.

Situatie accepteren

‘Toch, hoe diep ik ook in de shit zat, ik bleef zoeken naar oplossingen. Ik ben een strijder. Ik dacht: ik heb België overleefd, dan kan ik hier ook uit komen. Ik voerde gesprekken met mezelf. Ik besefte: ik moet de situatie accepteren zoals die is. Ja, mijn kinderen hadden slechte dingen meegemaakt. Heel naar, maar het is gebeurd. Wat ik nu kon doen, was zorgen dat zoiets ze nooit meer zou overkomen. En ja, ik had schulden. Ik kon blijven worstelen met: het is niet terecht, ik ben misbruikt, niemand begrijpt me. Maar ik kon ook zeggen: Day, dit zijn je schulden. Accepteer ze en neem verantwoordelijkheid voor je situatie.

Zonder oordeel luisteren

‘Zo kon ik, een paar maanden na dat bezoek van de Belastingdienst, naar binnen lopen bij de Buurtwerkkamer. Ik had ruimte gemaakt in mezelf. Maar ik had geen verwachtingen. Ik ging voor een beetje ontspanning.

Maar de Buurtwerkkamer is zoveel meer. Sinds dat eerste bezoek is mijn leven echt veranderd. Ik heb daar voor het eerst gepraat over mijn seksueel misbruik. Met Erwin Mulder, de coördinator. Een wildvreemde, witte man, haha! Maar ik wist ook: hij zal gewoon luisteren, hij zal niet oordelen, hij zal niet zeggen dat ik hier veel eerder mee had moeten komen. Het is voor mij de essentie van de Buurtwerkkamer. Er zijn altijd mensen die naar je willen luisteren, die de tijd voor je nemen, die niet al klaar staan met hun oordeel.

'De geldzorgen die iemand heeft, daar zit altijd een levensverhaal achter.'

Coming out

‘Dat gesprek met Erwin was mijn coming out. Nee, het ging niet direct over mijn schulden. Maar je moet het zo zien: de geldzorgen die iemand heeft, daar zit altijd een levensverhaal achter. Ze staan niet op zichzelf. Ik weet nu: als je iemand met financiële problemen wilt helpen, dan moet je daar ook oog en oor voor hebben. Zo zette dat gesprek mij op het pad in de goede richting.

Buurtwerkkamer

‘Ik werk nu bij de Buurtwerkkamer. Ik help mensen met financiële problemen. Ik zoek dingen voor ze uit, maak afspraken, tref regelingen. Maar mijn werk omvat veel meer. Ik merk dat ik mensen aantrek. Ze zijn op hun gemak bij mij, nemen me in vertrouwen. Ze vertellen me dingen waarvan ik denk: wow, vertel je dit aan mij? Ze weten: Dayenne is een van ons. Ik zeg vaak tegen mijn cliënten: als ik eruit kan komen, dan kun jij het ook. Ik ben het goede voorbeeld.

Geruststellen

‘Ik ben geen afgestudeerde zorgverlener. Maar ik kan wel geruststellen. Als ik voor iemand een afspraak heb gemaakt, vraag ik wel eens: vindt u het fijn als ik met u meega? Dat betekent heel veel voor iemand.

Ik ga altijd even terug naar toen ik zelf in zo’n situatie zat. Wat had ik het fijn gevonden als iemand dat toen had gevraagd. Als er gewoon een luisterend oor was geweest. Niet veroordelen. Ik zie elke dag weer dat het werkt.’